Stappen langs de grens

Stappen langs de grens ©Bart Noels

Trage wegen in Rekkem en Halluin

Een lappendeken. Dat is het minste wat je kan zeggen van het landschap tussen Rekkem en Halluin. Een boerderij hier, een bedrijf wat verderop, een rij huizen boordt de horizon af. Een strook asfalt en dan weer een akker. In dit landschap toont de geschiedenis zich via een bunker in een grasveld, een grenspaal in een tuin. Via trage wegen verkennen we deze plek. 

Het is een grijzige herfstochtend als we de tocht aanvatten. De kerk van Rekkem is de plaats van afspraak. Een typische Vlaamse steenweg loopt door het dorp. Zo moet je vandaag vanuit Rekkem in Frankrijk raken: ofwel via de Dronkaard, ofwel via Menen om. Maar zo is het niet altijd geweest. Dit grensgebied was vroeger één gebied, waar wegen rechtstreeks liepen van Rekkem naar Halluin. Beide gemeenten waren lang deel van het graafschap Vlaanderen. De Leie vormde de grens tussen de kasselrij Kortrijk en die van Rijsel.

Rafelige grens

Op het einde van de zeventiende eeuw lijfde Menen bijna dertig hectare grond van Halluin in om de Vauban-versterkingen mogelijk te maken. Zelfs de dorpskern van Halluin wordt in 1686 bij Menen gevoegd, zo besliste Louis Quatorze. Een kleine eeuw later was Vlaanderen in Oostenrijkse handen. Louis XVI en de Oostenrijkse keizerin Maria Theresia gooiden het na wat gebakkelei op een akkoordje en verdeelden het grensgebied opnieuw. Ze wilden een zuivere grens afspreken, van Duinkerke tot Luxemburg. Dat leidde er toe dat een deel van Halluin door Frankrijk werd afgestaan.

Door de latere Franse bezetting van Menen en onze regio verviel dit een paar tiental jaren later weer. Latere verdragen leidden nog tot een hoop andere grenscorrecties. Die correcties zijn gebaseerd op infrastructuren die intussen al lang niet meer zichtbaar zijn in het landschap. Om maar te zeggen: als je nu op een kaart de grens bekijkt, dan zie je dat die heel vreemde kronkels maakt. En daar steekt dus een hele geschiedenis achter.

Stappen langs de grens

Het landschap twijfelt

Vandaag is er vrede in deze regio, en is er een Europese Unie. En zo wandelen we grenzeloos door het landschap. Via een vervallen boerderij lopen we de velden in, richting Halluin. De huizen in België en Frankrijk delen hier hetzelfde stijlelement: chaos. Alles kan, alles mag. Van auto’s in de voortuinen, witte leeuwen op de oprit tot rijen koterijen en veranda’s.

We maken in de tuin van een huis aan de Murissonstraat kennis met de ene grenspaal uit de Oostenrijkse periode die Menen nog rijk is en stappen door naar de huidige grens tussen België en Frankrijk. Op de voetweg waar we beland zijn wordt de grenslijn gemarkeerd door betonnen voeten waar treinrails uitsteken. Een modderig pad brengt ons naar de Avenue de Lauwe. Plots klinkt alles wat frivoler, dat heb je met de Franse taal.
Een maïsveld aan de ene zijde, aan de andere zijde kijken we op de parking van een transportbedrijf. Het landschap twijfelt tussen chaos, lelijkheid en schoonheid. 

Stappen langs de grens ©Bart Noels

De Kapelle

En plots, pal tussen de bedrijven staan we voor een kapel. “Dit is de Notre-dame de la Lys, die we hebben kunnen restaureren voor ze helemaal vervallen raakte. Vroeger kwamen de Jezuïeten van Rijsel naar hier op bedevaart”, zegt Jean-Pierre Polnecq, de voorzitter van de Association pour l’entretien et la Sauvegarde des Chapelles, of kortweg “De Kapelle”. Dat is een vereniging met veertig vrijwilligers die vijf kapellen onderhoudt in Halluin.  Jean-Pierre Polnecq vertelt vol vuur hoe de kapel in ere hersteld is geraakt, maar ook hoe moeilijk het is om dit werk te blijven doen. De man lijkt heel weerbarstig en moedig. Ook voor de kapel is het een eenzame strijd. Omringd door loodsen en kantoren, midden een rommelig industrieterrein.

Jean-Pierre Polnecq ©Bart Noels

Grijze klomp

De tocht gaat verder richting Halluin. We passeren een vervallen boerderij, de ferme de La Rouge Porte en we komen in de Allée des Frères Bonduel. Die straatnaam verwijst naar twee broers uit het nabijgelegen Roncq die gestorven zijn in 1944.
Oorlog is nooit veraf in deze streek. De Maginot-linie trekt hier dwars door door de velden. Eenzame bunkers in het landschap herinneren aan deze verdedigingslinie, aangelegd in de jaren dertig van de vorige eeuw op de grens van Frankrijk met België, Luxemburg en Duitsland. In de velden tussen Halluin en Rekkem bevindt zich het Blockhaus 254 Les Meurins, een onderdeel van deze lijn. Een betonnen blok, verzonken in een veld. Grijs, grauw, een klomp aan de horizon.

Stappen langs de grens ©Bart Noels

Abbé Coulon, de kerkbouwer

Het retourpunt van de tocht is de kerk van Halluin, een symbolisch keerpunt. Het was immers langs dezelfde route dat de kerkvader van Rekkem eind de negentiende eeuw naar Halluin trok. Zijn naam is Alphonse-Marie Coulon, of beter: Abbé Coulon. Een naam als een klok in deze regio, op de grens van Zuid-West-Vlaanderen en Noord-Frankrijk.

De Moeskroenenaar start zijn carrière als priester in Rekkem. Hij trekt geregeld naar Halluin, wat verderop. In de tweede helft van de negentiende eeuw is het boerendorp Mont d’Halluin uitgegroeid tot een arbeidersbuurt met ook heel veel Vlaamse gezinnen. In dit oord wil Coulon een kerk bouwen. In die tijd bestond er nog kinderarbeid, de werkdagen duurden minstens twaalf uur. Een kerk in de eigen buurt moet de mensen helpen. Met zijn eigen geld koopt hij 34 are, waarop hij een een meisjesschool en een klooster bouwt. Een kerk is het volgende plan.

Maar de seculiere Franse staat ziet zijn werk met lede ogen aan en verbant de geestelijke. Hij gaat in Dadizele aan de slag, opnieuw dus in België. Na een tijdje keert hij terug naar Halluin en bouwt uiteindelijk zijn kerk, opnieuw met zijn eigen geld. Geld dat hij bijeen rijft met giften en door het noteren van lokale geschiedenissen. De boekjes die hij schrijft en verkoopt brengen hem in de hele regio: Moeskroen, Roncq, Halluin. Hij sterft uiteindelijk in armoede, maar laat een kerk na die staat waar hij het precies wilde. En mét een klokkentoren, want het heeft nog jaren geduurd voor die gefinancierd raakte.

Stappen langs de grens ©Bart Noels

Le Pilori

De tocht leidt ons de berg van Halluin verder op, en vervolgens trekken we de velden in. Stilaan neemt het groene landschap de ruimte in, verderop lonkt Rekkem aan de horizon. We passeren de huisjes van Le Pilori. Dat is een soort schandpaal waarmee mensen geboeid te kijk werden gesteld.

Het asfalt wijkt voor een mooi en smal groen pad, de Piloriwegel. We zijn opnieuw in België. Een bord herinnert aan Le Cabaret des Prés, een herberg uit de vorige eeuw. Dit was een blauwerscafé, een trefplaats voor smokkelaars. Iets verderop passeert het Circuit des Gabelous. Een gabelou is een douanier. Uren en dagen lagen douaniers hier in het veld op de loer.

De tocht eindigt in het centrum van Rekkem. We hebben amper zeven kilometer in de benen, maar we hebben twee landen doorkruist, bedrijventerreinen en velden, huizen en groen gezien. Een verrassende tocht langs trage wegen.

Stappen langs de grens ©Bart Noels

Je kan de wandeling hier vinden: http://www.mapmyride.com/workout/1215706511. 
Met dank aan Michel Werbrouck die deze wandeling uitstippelde voor de Dag van de Trage Wegen 2015.

Tekst en foto's: Bart Noels

Meer foto's van de wandeling vind je op www.facebook.com/uitinzuidwest

Meer UiT in de metropool

UiT in zuidwest is een realisatie van zuidwest | www.zuidwest.be | alle rechten voorbehouden | UiTPAS gebruiksvoorwaarden | UiTPAS privacybeleid